Veel Nederlanders vragen zich af wat nu eigenlijk de beste temperatuur is om de thermostaat op in te stellen voordat ze gaan slapen. In talloze huishoudens wordt gezocht naar een goede balans tussen energiebesparing ’s nachts en het behouden van comfort in huis.

De juiste aanpak blijkt echter allesbehalve simpel en hangt sterk af van de manier waarop een huis wordt verwarmd.
De energierekening wordt mede bepaald door de manier waarop in de nacht wordt gestookt, maar niet ieder advies geldt voor elk huishouden. Het type verwarmingssysteem en de eigenschappen van de woning spelen een doorslaggevende rol in welke nachttemperatuur optimaal is.
Daardoor kan het financiële voordeel op jaarbasis aanzienlijk verschillen van huis tot huis.
Adviezen verschillen per verwarmingssysteem
Voor huizen met een klassieke cv-ketel en radiatoren luidt het advies doorgaans om de thermostaat tijdens de nacht terug te zetten naar 15 graden Celsius. Volgens Milieu Centraal, een onafhankelijke voorlichtingsorganisatie, levert deze nachtverlaging een gemiddelde besparing op van circa 74 euro per jaar.
Deze berekening is gebaseerd op een geschatte gasprijs van € 1,68 per kubieke meter.
Het grootste deel van deze besparing ontstaat doordat de verwarming niet onnodig hoeft te blijven draaien in de uren dat er niemand wakker is. Wie het effect verder wil vergroten, kan de thermostaat het beste al een uur voordat hij of zij naar bed gaat lager instellen.
De temperatuur in huis zal niet direct sterk dalen, waardoor het comfort behouden blijft, terwijl de cv-ketel toch minder actief hoeft te zijn.
Een veelgehoorde gedachte is dat het opwarmen van een afgekoeld huis in de ochtend meer energie zou kosten dan het huis ’s nachts op temperatuur houden. Milieu Centraal wijst er echter op dat dit bij een traditionele cv-installatie meestal niet klopt.
Juist door de temperatuur ’s nachts te verlagen, verbruikt men over het geheel genomen minder energie omdat de verwarming minder hoeft te draaien.
Vloerverwarming vraagt om een andere aanpak
Anders ligt het bij woningen die zijn voorzien van vloerverwarming. Zulke systemen zijn bekend vanwege hun trage en gelijkmatige manier van verwarmen. Wanneer de thermostaat ’s nachts fors wordt teruggedraaid, duurt het vaak langer voordat de woonkamer in de ochtend weer op een comfortabele temperatuur is.
De Consumentenbond adviseert daarom om de thermostaat bij vloerverwarming niet lager te zetten dan 17 of 18 graden gedurende de nacht. Milieu Centraal gaat zelfs nog verder: bij een traag systeem kan het verstandig zijn om dag en nacht dezelfde temperatuur aan te houden.
Zo wordt voorkomen dat het systeem veel tijd nodig heeft om het huis weer op te warmen, wat het wooncomfort ten goede komt.
Dit betekent overigens niet dat vloerverwarming altijd duurder uitpakt. Integendeel, doordat deze systemen werken met een relatief lage watertemperatuur en zorgen voor een gelijkmatige warmteverdeling, zijn ze vaak efficiënt. Toch vraagt deze manier van verwarmen om een andere strategie dan bij radiatoren.
Het aanpassen van het stookgedrag aan het systeem in huis is dan ook essentieel.
Elektrische en hybride warmtepompen vereisen constante temperaturen
In woningen waar een volledig elektrische warmtepomp wordt gebruikt voor verwarming, wordt aangeraden om de temperatuur zo constant mogelijk te houden. Zeker in goed geïsoleerde huizen is het verstandig om de thermostaat dag en nacht op bijvoorbeeld 19 graden te laten staan.
Warmtepompen leveren hun warmte efficiënt, maar doen er langer over om een afgekoeld huis weer op temperatuur te brengen.
Bovendien kunnen grote temperatuurschommelingen de efficiëntie van een warmtepomp negatief beïnvloeden. Hierdoor is het raadzaam om de temperatuur zo stabiel mogelijk te houden, zodat het systeem optimaal blijft presteren en onnodig energieverlies wordt voorkomen.
Voor hybride warmtepompen, die samenwerken met een traditionele cv-ketel, geldt een genuanceerder advies. Afhankelijk van de mate van isolatie van de woning, kan het verstandig zijn om de thermostaat ’s nachts één of twee graden lager te zetten.
Hierdoor werken de hybride warmtepomp en de cv-ketel efficiënter samen, zonder dat het comfort in de ochtend wordt aangetast.
Besparingen sterk afhankelijk van situatie
De jaarlijkse besparing is bij een cv-ketel met radiatoren relatief eenvoudig te berekenen. Bij vloerverwarming of (hybride) warmtepompsystemen spelen daarentegen factoren als het type installatie, de mate van isolatie en de snelheid waarmee het huis afkoelt een grote rol.
Hierdoor is het niet mogelijk om vaste bedragen te noemen voor de besparing; de uitkomst hangt sterk af van de persoonlijke woonsituatie en het energiecontract.
Huishoudens die al bewust omgaan met hun stookgedrag, merken doorgaans minder verschil dan gezinnen die gewend zijn om de thermostaat ’s nachts op 20 graden te laten staan. Wie de cv-installatie terugschakelt naar 15 graden, kan het voordeel echter aanzienlijk zien toenemen.
Voor vloerverwarming of (hybride) warmtepompen zijn de verschillen minder makkelijk te voorspellen.
Kritisch kijken naar het eigen verwarmingssysteem
De rode draad die uit de adviezen van Milieu Centraal, de Consumentenbond en andere experts naar voren komt, is dat een nachtelijke thermostaatinstelling maatwerk vereist. Elk huis en elk verwarmingssysteem vraagt om een eigen aanpak.
Voor traditionele radiatoren is 15 graden een goed uitgangspunt, maar bij vloerverwarming of warmtepompen is het juist raadzaam om de temperatuur ’s nachts hoger te houden. Zo wordt onnodig energieverbruik voorkomen en blijft het comfort gewaarborgd.
Het is daarom niet verstandig om het advies voor cv-ketels zonder meer toe te passen op andere verwarmingssystemen. Wie het maximale uit zijn energierekening wil halen, doet er goed aan zich te verdiepen in de werking van het eigen verwarmingssysteem en de specifieke kenmerken van de woning.
Door het verwarmingsgedrag daarop af te stemmen, kan iedereen op een comfortabele én zuinige manier de winter doorkomen.






