In de supermarkt voelt het soms alsof alles tegelijk om je aandacht schreeuwt. Grote kortingen, ‘rijk aan vezels’-stickers, verpakkingen die er supervers uitzien. En toch knaagt er iets: hoe kan het dat we steeds meer over gezonde keuzes praten, maar ook steeds vaker kampen met welvaartsziekten?

De discussie laait opnieuw op door een opvallende waarschuwing van arts en onderzoeker dr. Chris van Tulleken. Hij wijst niet naar één ‘fout’ ingrediënt, maar naar een hele categorie producten die veel mensen dagelijks eten, vaak zonder het door te hebben.
Een ongemakkelijke waarschuwing die steeds vaker terugkomt
Colorectale kanker (darmkanker) duikt steeds vaker op in het nieuws, en opvallend genoeg ook bij mensen die nog lang niet op leeftijd zijn. Artsen zoeken naar verklaringen: minder bewegen, alcohol, erfelijkheid, stress.
Maar voeding komt steeds nadrukkelijker in beeld, vooral het deel dat we als “normaal” zijn gaan zien. In de podcast Diary of a CEO sprak Van Tulleken opnieuw over ultrabewerkte voeding, en why that matters in 2026.
Wat ultrabewerkt precies betekent (en wat mensen vaak missen)
Ultrabewerkt is niet hetzelfde als “bewerkt”. Een blik tomaten of diepvriesgroenten zijn ook bewerkt, maar meestal nog herkenbaar als voedsel. Bij ultrabewerkt gaat het vaker om samengestelde producten met toevoegingen.
Denk aan emulgatoren, conserveermiddelen, smaakversterkers en zoetstoffen: dingen die je bijna nooit los in je keukenkastje hebt staan. Het doel is vaak: langer houdbaar, sneller klaar, en vooral zo lekker dat je automatisch door blijft eten.
Niet alleen chips en frisdrank: het zit ook in ‘gezonde’ schappen
Bij frisdrank, snoep, koek en chips verwacht iedereen ultrabewerking wel. De verrassing zit juist in producten die zich netjes voordoen: ontbijtgranen met health-claims, kant-en-klare sauzen, vleeswaren, snackgroenten met dips.

Zelfs brood, ‘proteïne’-repen of kipproducten kunnen in de ultrabewerkte hoek vallen, afhankelijk van de ingrediëntenlijst en de manier waarop het is samengesteld. De verpakking zegt vaak minder dan de kleine lettertjes achterop.
Van ‘junkfood’ naar een groter verhaal over een eetpatroon
Jarenlang werd het probleem samengevat als “te vet, te zout, te zoet”. Dat blijft deels waar, maar volgens Van Tulleken is het te simpel. Het gaat niet alleen om calorieën, maar om het hele systeem.
Als ultrabewerkte producten je standaard worden — ontbijt, lunch, snack, avondeten — dan ontstaat een patroon. En juist dat patroon hangt in studies steeds vaker samen met een breed scala aan gezondheidsproblemen.
De vergelijking die blijft plakken: ‘erger dan roken’
De uitspraak die het meeste stof doet opwaaien: een slecht dieet met veel ultrabewerkte producten zou wereldwijd inmiddels tabak voorbij zijn als grote aanjager van vroegtijdige sterfte. Dat klinkt heftig, en dat is het ook.
Het gaat hierbij niet om één-op-één schade zoals bij sigaretten, maar om schaal. Omdat ultrabewerkt eten zó veel voorkomt, is de totale optelsom van effecten — direct en indirect — in potentie enorm.
Waarom ultrabewerkt zo aantrekkelijk is (en zo moeilijk te ontwijken)
Er zit een ongemakkelijke realiteit achter: ultrabewerkte producten zijn vaak goedkoop, overal beschikbaar en lang houdbaar. Ze passen in drukke dagen, kleine budgetten en gezinnen die snel iets op tafel moeten krijgen.
En precies dát maakt het ingewikkeld. Het is makkelijk om te zeggen “kies gezonder”, maar als verse en simpele basisproducten duurder zijn of sneller bederven, dan wint gemak het vaak van ideaal gedrag.
Wat onderzoek tot nu toe laat zien over de risico’s
De waarschuwing staat niet op zichzelf. In meerdere studies wordt een hogere consumptie van ultrabewerkte voeding in verband gebracht met obesitas, type 2 diabetes, hart- en vaatziekten en ook een verhoogd risico op darmproblemen.

In een overzichtsanalyse uit 2024 (National Library of Medicine) wordt UPF-inname gelinkt aan diverse chronische aandoeningen en ook mentale gezondheidseffecten. Opvallend: de analyse vond geen duidelijke positieve gezondheidsuitkomsten bij méér UPF.
Het gaat niet alleen om jouw lichaam, maar ook om het systeem erachter
Van Tulleken koppelt ultrabewerkt eten ook aan de manier waarop ons voedselsysteem is ingericht. Grootschalige productie, veel verpakking, veel marketing en vaak ingrediënten die van ver komen, hebben een prijs.
Volgens hem drukt dit type industrie zwaar op biodiversiteit en klimaat, en draagt het bij aan plasticvervuiling. De kritiek gaat dus verder dan “eet eens wat beter”, en raakt aan hoe goedkoop voedsel überhaupt mogelijk wordt gemaakt.
Waar de term vandaan komt en waarom die relatief nieuw is
De term ‘ultrabewerkt’ is opvallend jong. Rond 2009/2010 werd de definitie scherper neergezet door onderzoekers in Brazilië, met later veel aanvullend werk uit Centraal- en Zuid-Amerika.
Het idee was om een typisch westers, industrieel eetpatroon beter te beschrijven: veel kant-en-klaar, veel bewerking, overal verkrijgbaar en ontworpen om moeiteloos onderdeel te worden van je dagelijkse routine.
Wat je praktisch kunt doen zonder je hele leven om te gooien
Helemaal “UPF-vrij” leven klinkt voor veel mensen alsof je alleen nog met een rieten mandje naar de markt mag. Dat is niet realistisch. Een haalbare stap is: vaker basisproducten kiezen als standaard.
Denk aan groenten, fruit, peulvruchten, eieren, yoghurt, noten, rijst, aardappelen en onbewerkte granen. En kijk één keer per week bewust naar ingrediëntenlijsten: minder lange lijsten, minder onbekende toevoegingen, vaker goed.
De grotere vraag: wie maakt gezond eten de makkelijkste keuze?
Als ultrabewerkt voor veel huishoudens de goedkoopste en snelste route is, dan is het niet eerlijk om alles bij “eigen verantwoordelijkheid” te parkeren. Marketing, schapindeling, prijzen en aanbiedingen sturen gedrag hard.
Dat maakt dit ook een beleidsgesprek: hoe zorgen we dat gezonde keuzes niet alleen mogelijk zijn, maar ook logisch en betaalbaar? Tot die tijd blijft ultrabewerkt eten voor veel mensen simpelweg de default.
Herken jij het in je eigen boodschappenmand?
Misschien schrik je van het idee dat ‘gezond ogende’ producten toch ultrabewerkt kunnen zijn. Of misschien denk je vooral: leuk advies, maar mijn budget bepaalt veel. Beide reacties zijn begrijpelijk.
De vraag is vooral: wat is bij jou de grootste valkuil — gemak, prijs, trek, of gewoon nooit geleerd waar je op moet letten? Laat het weten via onze social media: we zijn benieuwd hoe jij dit ervaart.
