Het begon met losse signalen en gefluister in besloten online groepen, maar groeide in korte tijd uit tot een dossier waar steeds meer moeders zich in vastbijten. In Nederland duikt opnieuw het beeld op van één spermadonor die opvallend veel kinderen verwekt, terwijl niemand precies lijkt te weten waar het eindigt.

Pas na puzzelen, vergelijken en elkaar vinden via internet, ontstaat een patroon dat bij de betrokken gezinnen diepe onrust oproept. De angst gaat niet alleen over aantallen, maar ook over controle: wie houdt hier eigenlijk nog overzicht?
Een patroon dat steeds groter lijkt
Uit onderzoek onder tientallen moeders blijkt dat de donor in elk geval aan minstens 121 kinderen gelinkt kan worden. Dat getal is waarschijnlijk nog maar het begin, omdat lang niet iedereen zich meldt of weet dat hetzelfde persoon achter het donorschap zit.
De zorgen zijn groot bij de moeders en bij Stichting Donorkind. Hun boodschap is helder: deze man moet stoppen. Niet omdat doneren op zichzelf verkeerd is, maar omdat massadonatie risico’s en stress veroorzaakt die gezinnen jarenlang kunnen achtervolgen.
Wie is de donor en hoe gaat hij te werk
De man in kwestie heet volgens de betrokkenen Simon, is 43 jaar en komt uit de regio Groningen. Hij zou meerdere aliassen gebruiken, zoals Jesse, Johan, Daan, Sam of Maarten, en volgens moeders is hij nog altijd actief als donor.
Hij doneerde aan meerdere spermabanken, maar zou vooral buiten klinieken werken. Via internet zoekt hij contact met wensmoeders die zelf willen insemineren. Juist dat informele circuit maakt controle lastig en vergroot de kans op misleiding.
Moeders voelen zich misleid
Meerdere vrouwen zeggen dat Simon niet eerlijk is over het aantal kinderen dat hij al heeft. Sommigen dachten met een donor te maken te hebben die bewust beperkt wilde blijven, maar kwamen later berichten en aanwijzingen tegen die op veel grotere aantallen wijzen.

Daarbovenop vertellen verschillende moeders dat de communicatie gaandeweg ongemakkelijk werd. Er zouden seksueel getinte appjes zijn verstuurd, en er is onrust over de manier waarop hij nieuwe contacten zou benaderen en afspraken zou voorstellen.
Van individuele ervaring naar eigen onderzoek
Nieuwsuur sprak met drie moeders die een kind van Simon hebben. Eén van hen, Babs uit Groningen, leerde hem in 2012 kennen via een website. Ze wilde graag moeder worden en koos voor zelfinseminatie met zijn sperma.
LEES OOK:Emma Kok straalt met nieuwe liefde en deelt de eerste beelden
In het begin verliep het contact volgens haar prettig en kwam Simon zelfs langs om haar dochter te ontmoeten. Later veranderde de toon van zijn berichten, en toen Babs hoorde over tientallen kinderen via klinieken, ging ze actief op zoek naar andere moeders.
Een netwerk van waarschuwingen
Een andere moeder, die anoniem wil blijven en in de Randstad woont, probeerde aangifte te doen maar liep vast. Ze zegt dat ze bij de politie weinig herkenning voelde voor haar verhaal, waarna ze zelf online anderen is gaan opsporen.
Ze vermoedt dat het ooit met goede intenties begonnen kan zijn, maar dat het onderweg is omgeslagen in iets wat op dwangmatig gedrag lijkt. Haar gevoelens zijn een mix van boosheid, verdriet en machteloosheid, schrijft ze.
Contact onder druk en vragen zonder antwoord
Ook Judith, die vijftien jaar geleden via Simon een dochter kreeg, zegt dat ze zich opgelicht voelt. Destijds zou hij juist kritisch zijn geweest op massadonoren, maar nu ontwijkt hij volgens haar vragen over aantallen.
Wanneer Judith om duidelijkheid vraagt, ervaart ze druk: het contact zou kunnen worden verbroken. En precies dat maakt het pijnlijk, omdat je als ouder ook aan je kind denkt, dat later misschien vragen heeft over afkomst.
Zorgen over de ‘natuurlijke methode’
Babs zegt van andere moeders te hebben gehoord dat Simon tegenwoordig ook zou aanbieden via de ‘natuurlijke methode’, wat neerkomt op seks in plaats van inseminatie. Dat maakt de situatie extra gevoelig, omdat grenzen en intenties dan snel vervagen.

Daarnaast zouden er chats circuleren waarin expliciet wordt gesproken over hoe zo’n seksuele ontmoeting eruit zou moeten zien. Moeders noemen dat bedreigend en verwarrend, zeker wanneer de afspraak in eerste instantie alleen om donorschap zou draaien.
Waarom massadonatie zoveel impact heeft
Massadonoren liggen al jaren onder een vergrootglas. Als één biologische vader veel kinderen heeft, neemt de kans toe dat halfbroers en -zussen elkaar later ontmoeten zonder te weten dat ze familie zijn, met het risico op onbewuste incestueuze relaties.
Ook emotioneel is het ingewikkeld. Veel donorkinderen krijgen op latere leeftijd de behoefte hun biologische achtergrond te kennen. Hoe groter de groep verwanten, hoe lastiger overzicht, contact en verwerking worden, voor kind én ouders.
Reactie van Simon en opvallende bijrol
Nieuwsuur had contact met Simon, maar hij wil geen interview geven. Hij zegt na overleg te hebben besloten contacten alleen anoniem met moeders of via een officiële instantie te laten verlopen, en vraagt om privacy voor zichzelf en betrokken gezinnen.
Hij gaat niet in op de vraag of het inderdaad om meer dan honderd kinderen gaat. Opvallend is wel dat hij in 2019 in een commissie zat die namens de overheid de donorwet evalueerde; hoe hij daar terechtkwam is onduidelijk.
Ook aanwijzingen buiten Nederland
Er zijn signalen dat er ook kinderen in het buitenland kunnen zijn. Eén moeder zegt via een online DNA-databank kinderen in Duitsland te hebben gevonden die mogelijk verwant zijn. Dat zou betekenen dat het netwerk nog groter is dan gedacht.
LEES OOK:Familie Hansler sluiten per direct de deuren van beachclub
Daarnaast was Simon volgens informatie die hij eerder mailde ook in een Deense spermabank. Destijds was bij de redactie nog niet bekend dat hij in verband wordt gebracht met massadonatie, maar het voedt nu wel de vragen.
Wat mag wel en wat niet in Nederland
Bij Nederlandse klinieken geldt de regel dat een spermadonor maximaal twaalf gezinnen mag helpen. Tegelijk blijkt uit eerder onderzoek dat die norm in de praktijk vaker is overschreden dan veel wensouders wisten, wat het vertrouwen flink heeft beschadigd.
De grootste blinde vlek zit echter buiten de klinieken. Wensouders en donoren die privé afspraken maken, zijn niet wettelijk gebonden aan een maximum. Daardoor kunnen aantallen oplopen zonder centraal register of toezicht dat ingrijpt.
Inspectie: onwenselijk, maar beperkt mandaat
De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) zegt dat deze situatie “zeer onwenselijk” is, maar Simon is niet bij hen bekend. De inspectie houdt toezicht op zorg in klinieken, niet op wat in de privésfeer wordt geregeld.
Voor moeders voelt dat als een gat in het systeem: juist het informele circuit kan het grootst worden. Zij hopen op strengere regels, betere registratie en snellere signalering, zodat dit soort situaties niet eindeloos kunnen doorgroeien.
De nasleep voor gezinnen en de vraag die blijft hangen
Voor de betrokken gezinnen is dit geen ‘nieuwsitem’ dat weer overwaait. Het gaat om kinderen die later vragen kunnen stellen, om halfbroers en -zussen die misschien nooit zullen weten hoeveel ze er hebben, en om ouders die zekerheid zoeken.
De moeders willen vooral dat er transparantie komt en dat de donor stopt met uitbreiden. Wat vind jij: moet de wet ook buiten klinieken harde grenzen stellen? Laat het weten via onze socials en praat mee in de reacties.
Bron: nos.nl









